Sonja, dr. Frank, dr. Atkins, ze spelen me allemaal door het hoofd op het moment dat ik mijn pasgewassen spijkerbroek probeer dicht te knopen.
Even adem in, buikspieren aanspannen, ritsen en snel dichtknopen. Uitademen, ontspannen en vervolgens in de spiegel kijken en denken: “pfff, de love handles beginnen overwicht te krijgen”. “Maar even een wijder truitje pakken of toch die brede riem maar om doen. Dat camoufleert de boel wel even”.
Dit scenario speelt zich ’s winters gemiddeld drie keer per week af voor mijn spiegel. Hoewel die spijkerbroek steeds lekkerder zit, naarmate je hem langer aan hebt, blijft hij te strak voor het goede. Zo aan het begin van de dag is het nog uit te houden, maar na het avondeten, gaat de brede riem toch echt op de “vreethaak”.
Tijd om wat te doen! Op het vreethaak moment schieten bovenstaande namen me steeds door de gedachten. “Morgen ga ik beginnen”. Dat neem ik mezelf keer op keer voor. Maar elke morgen is er weer een morgen, maar van een begin is nog geen sprake.
Hoewel een te krappe spijkerbroek niet lekker zit, zit ik wel lekker in mijn vel. Het vel zit mooi gespannen over mijn buik-, been- en bilpartij. Voordeel van vel is dat het beter mee rekt dan een pasgewassen spijkerbroek. Nadeel van vel is dat je niet bewust bent van het feit dat het mee rekt. Die bewustwording moet weer bij je spijkerbroek vandaan komen.
Ik zou niet weten wat mijn gewicht is op dit moment. Ik zit lekker in mijn vel, maar weet dat ik volgens alle normen te zwaar ben. Dat weet ik doordat mijn strakke spijkerbroek de grootste maat in het rekje was. Groter zijn ze er vast wel, in de grote maten winkel, maar voor mezelf wil ik niet groter dan de grootste in de reguliere winkel. Dat betekent werk aan de winkel.
Wat ga je dan doen? Eerder genoemde namen spelen weer door mijn hoofd. Maar een leven zonder koolhydraten kan ik me niet voorstellen. Na een week zonder snak ik naar een bruine boterham, pasta of een rijstschotel.
Omdat ik van gezond en lekker eten houd, is bewegen voor mij de meest reële optie om die spijkerbroek te blijven passen. Sportschool, wandelen of fietsen. Nu heb ik een aversie tegen sportscholen, wandelen zonder doel is alleen fijn in het bos en dat is niet in de buurt, dus blijft fietsen over.
Fietsen in een Hollandse winter is verre van ideaal. Je moet tegen gladheid, neerslag en wind bestand zijn. Dus stel ik het fietsen uit naar het voorjaar en de zomer. Dan is het echter weer tijd voor de fladderjurkjes en ligt op dat moment ligt de spijkerbroek weer in de kast. Daarmee verdwijnt de dagelijkse bewustwording.
Vervolgens pas ik gelukkig de spijkerbroek nog in de herfst, al is het weer even adem in, buikspieren aanspannen, snel ritsen en ontspannen. Kortom, zo lang ik dit vol kan houden is het noodscenario niet nodig.
Ik hoop dat ik komende herfst nog in mijn spijkerbroek pas.